 |
Interview met Satu Raitala |
 |
Hebt u interesse in een eTwinning-project met een school in Finland? Om te weten te komen hoe eTwinning in Finland werkt, hebben we onlangs gesproken met Satu Raitala, de coördinator voor eTwinning in Finland. |
 |
1. Hoe verschilt onderwijs in Finland van dat in andere landen in Europa?
Finse scholen volgen een landelijk kerncurriculum, dat het kader stelt voor de plaatselijke leerplannen, meestal op gemeentelijk niveau. Scholen kunnen ook vakken als hoofdvak aanbieden die buiten het leerplan om gaan en zo dus specialiseren in talen, muziek, etc. Het nieuwe kerncurriculum legt nu ook nadruk op vakoverschrijdende thema’s in het onderwijs die in kern- en/of optionele vakken geïntegreerd moeten worden. De vakoverschrijdende thema’s in het basisonderwijs zijn: Persoonlijke groei, Culturele identiteit en internationalisme, Mediavaardigheden en communicatie, Participerend burgerschap en ondernemerschap, Verantwoordelijkheid voor het milieu, het welzijn en een duurzame samenleving, Veiligheid en verkeer, en Technologie en het individu.
2. Hoe wordt ICT ingezet in Finland?
Alle scholen moeten een plan hebben voor de integratie van ICT in het onderwijs, en moeten kunnen aantonen hoe dit plan geïmplementeerd wordt. Dit initiatief is ingevoerd om leerkrachten aan te moedigen meer te weten te komen over ICT en te beginnen met het gebruik van verschillende hulpmiddelen. Het nationale kerncurriculum stelt dat de gekozen methodes de wens tot leren moeten stimuleren, en het leren moeten steunen door middel van interactie tussen leerlingen, wat leerkrachten aanmoedigt hun voordeel te gaan doen met ‘nieuwe’ technologieën. Hiertoe biedt de Finse Nationale Onderwijsraad ook cursussen voor verdere professionele ontwikkeling en accepteert jaarlijks aanvragen om verschillende ICT-projecten op scholen te steunen en te financieren. Het Finse ministerie van Onderwijs is een programma gestart dat OPE.FI heet, om de ICT-vaardigheden van leerkrachten en onderwijzend personeel in diensttijd te verbeteren. Bovendien heeft de Finse Nationale Onderwijsraad allerlei onderwijsmateriaal uitgegeven ter ondersteuning van het project. Het wordt gratis via internet verspreid aan alle deelnemers.
Een virtueel schoolproject van drie jaar is net afgesloten met buitengewoon positieve resultaten, en goede praktijkvoorbeelden eruit zullen verspreid worden over het hele land. Het project heeft laten zien dat de wil om ICT in het onderwijs te gebruiken bestaat, en daarom is de Nationale Onderwijsraad nu bezig contact op te nemen met scholen voor een nieuw project in ePedagogiek.
3. Wat is het effect van eTwinning in Finland? Hoe reageren scholen en leerkrachten erop?
Scholen zijn heel enthousiast om aan internationale samenwerking mee te gaan doen. Vanaf het begin van eTwinning in 2004 is Finland actief lid. Tegenwoordig zit bijna de helft van de geregistreerde Finse scholen in een project. eTwinning wordt door de Nationale Onderwijsraad gevolgd, die leerplanontwikkeling in Finland steunt, en dus kunnen Finse scholen pedagogische ondersteuning voor hun projecten krijgen. Er is ook een pedagogisch team dat de Finse Nationale Ondersteuningsdienst (NOD) van eTwinning bijstaat.
Finse scholen hebben altijd veel succes in Europese competities en de leerkrachten helpen de NOD met het verspreiden van informatie over eTwinning. Als enthousiaste leerkrachten hun werk laten zien, moedigt dat andere leerkrachten aan om zich ook te registreren en een project te beginnen. Ook tonen lerarenopleidingen en plaatselijke autoriteiten belangstelling voor eTwinning, en de NOD werkt dus nauw met hen samen.
4. In wat voor projecten zijn Finse scholen vooral geïnteresseerd?
Finse leerkrachten zijn altijd geïnteresseerd in taalgerelateerde projecten. De meest voorkomende tweede taal is Engels, maar Frans, Duits en Russisch worden ook veel gestudeerd. Aangezien Finland een tweetalig land is, met een kleine minderheid van sprekers van het Zweeds, is in het algemeen de houding ten aanzien van het leren van talen heel positief.
Vanwege het nationale curriculum zijn inmiddels verschillende vakoverschrijdende projecten over Europese tradities, tolerantie, democratie en ook duurzame ontwikkeling populair.
CLIL-onderwijs (‘Content and Language Integrated Learning’, dus leren in een vorm waarin inhoud en taal geïntegreerd zijn) komt steeds vaker voor in Finland vanwege nieuwe internationale factoren, en daardoor is er oprechte belangstelling om te werken met moedertaalsprekers in taalgerelateerde partnerschappen.
5. Vinden er speciale eTwinning-activiteiten in Finland plaats?
De twee grootste trainingsseizoenen vinden in Finland plaats in september en februari. De NOD heeft uitstekende reacties gekregen op de workshop van september en is nu dus bezig met de organisatie van een volgende ronde voor deze maand. Er zal in april een Europese Professionele Ontwikkelingsworkshop georganiseerd worden in Finland, waar bijna 80 Europese leerkrachten verwacht worden die zich gaan richten op beroepsonderwijs. Daarnaast zal de NOD nauw samenwerken met het CIMO (het Centrum voor Internationale Mobiliteit) en ook met organisaties die opleidingen bieden voor verdere professionele ontwikkeling van leerkrachten (er staan hiervoor korte trainingssessies gepland voor leerkrachten in april).
Eind februari presenteert Finland zijn nieuwe eTwinning-ambassadeurs tijdens de eTwinning-conferentie 2007.
6. Hebt u nog een advies voor leerkrachten die een partnerschap willen aangaan met scholen in Finland?
Dankzij de resultaten van PISA (‘Programme for International Student Assessment’, het Programma voor Internationale Leerlingbeoordeling), komt het Finse onderwijssysteem de laatste tijd nogal in het nieuws: Finse leerkrachten zijn heel gretig om aan Europese projecten mee te gaan doen en om zo hun deskundigheid met collega’s te kunnen delen en nieuwe ideeën op te doen.
De nadruk op nationaal ICT-beleid in de onderwijssector verschuift van het leveren van de technische infrastructuur en basis-ICT-vaardigheden naar het aanbieden en beschikbaar hebben van digitaal lesmateriaal van hoge kwaliteit en het propageren van meer gevorderde vaardigheden in de ICT-pedagogiek. Zodoende wordt eTwinning beschouwd als een goed middel om het nationale en regionale curriculum te implementeren. Leerkrachten hebben een redelijke vrijheid bij hun keuze van de verschillende manieren om ICT in hun vakkenpakket te implementeren, en daardoor kunnen zij gemakkelijker met een project beginnen.
Ten slotte is het goed eraan te denken dat het Finse schooljaar al begin augustus start en tegen de tweede week van juni ophoudt.
Hebt u interesse in een eTwinning-project met een school in Finland?
Kom meer te weten over Finland door eens te kijken naar informatie over de nationale schoolstructuur en eTwinning-projecten.
 |
Webredacteur: |
Christina Crawley |
 |
 |
 |
 |
Gepubliceeerd : |
06/02/2007 |
 |
 |
 |
 |
Laatst gewijzigd : |
13/03/2007 |
 |
 |
 |
|